Navigatie overslaan
Versa Vrijwilligerscentrale Home
Account aanmakenLog in

Contact

  • Ruitersweg 35, 1211 KT Hilversum, Nederland
  • [email protected]

Versa Vrijwilligerscentrale

  • Voor organisaties
  • Hilversum en Wijdemeren
  • Gooise Meren
  • BEL

Doe mee

  • Activiteiten
  • Zoek Organisaties
  • Organisatie toevoegen
  • Account aanmaken
  • Log in
  • Help
  • Content policy
  • Privacyverklaring
  • Algemene Voorwaarden
  • Toegankelijkheidsverklaring

Powered by Deedmob tools

Post | februari 2022 | Vrijwilliger in beeld | 3 min lezen

Rick (27): ‘Ik leer door mijn maatje mezelf steeds beter kennen’

Door

Suzanne Wierenga
Vrijwilligerswerk maatjesproject

Rick (27): ‘Ik leer door mijn maatje mezelf steeds beter kennen’

 

Als je denkt dat vrijwilligerswerk alleen iets is voor gepensioneerden, dan heb je het mis. Dat bewijst Rick van de Lande. Hij is 27 jaar en maatje voor een leeftijdsgenoot met psychische klachten. “Voor mijn maatje ben ik een steunpilaar, maar juist omdat we zo’n goede klik hebben krijg ik ook veel nieuwe inzichten in mezelf.”

 

In zijn splinternieuwe baan als voedselveiligheid auditor gaat Rick van de Lande (27) dagelijks langs bedrijven en organisaties om adviezen en keurmerken te geven op het gebied van voedselveiligheid. “Inderdaad, een soort Rob Geus. Maar wij sluiten geen tenten hoor, we hebben een adviserende rol. Ik heb trouwens wel zo’n mooi jasje aan.” Rick lacht vrolijk.

 

Ook al heeft hij het druk met zijn nieuwe baan, toch maakt Rick wekelijks tijd vrij om vrijwilligerswerk te doen. “Ik ben maatje voor een leeftijdsgenoot die psychische klachten heeft. Hij is heel erg op zichzelf en heeft moeite om sociaal mee te komen in de maatschappij. We gaan vaak samen wandelen en dan praten we over van alles. Ik ben een soort steunpilaar voor hem.”

 

Kleine stapjes

Dat zijn maatje een leeftijdsgenoot is, vindt Rick een voordeel. “We hebben veel dezelfde interesses en hebben het bijvoorbeeld over de politiek in Nederland. Mijn maatje studeert biologie en daar ben ik ook heel geïnteresseerd in.” Rick vertelt dat zijn maatje en hij tijdens hun wandelingen over koetjes en kalfjes praten, maar ook over serieuze zaken. “Ik merk dat we elkaar steeds beter leren kennen en dat hij steeds meer vertelt over de dingen die hij graag zou willen doen, maar die hem nog niet lukken. Zo moet hij nog steeds zijn afstudeerscriptie maken. Ik probeer hem te helpen door met hem te bespreken hoe je iets groots in je hoofd ook in kleine stapjes kunt opdelen.”

 

“De eerste paar keren dat ik met mijn maatje afsprak, vond ik best pittig. Hij zat in een moeilijke periode en ik merkte dat het mij veel energie kostte om met hem te praten. Maar op een gegeven moment raakten we echt aan elkaar gewend en werden we letterlijk maatjes. We gaan heel ontspannen met elkaar om.”

 

Hoe langer hij met zijn maatje omgaat, hoe meer Rick het nut ervan inziet. “Ik kreeg een compliment van de coördinator van het maatjesproject dat mijn maatje houvast heeft aan mij en dat hij vooruit is gegaan. Ik weet niet in hoeverre dat aan mij ligt, maar het is natuurlijk wel heel mooi.”

 

Leeftijdsgenoot

Op de vraag waarom hij vrijwilligerswerk is gaan doen, antwoordt Rick dat dat idee is ontstaan toen hij door een polsblessure noodgedwongen in de ziektewet zat. “Ik was bezig met een inwerktraject, maar ik vond dat ik te veel stil zat. Iemand zei toen tegen me dat ik ook vrijwilligerswerk kon gaan doen. Ik ben online gaan zoeken en heb toen heel spontaan een bericht gestuurd naar Jacqueline van het Maatjesproject. Zij liet me uiteindelijk het profiel zien van de jongen die nu mijn maatje is. Ik zag meteen veel raakvlakken en dacht: dit kan heel gezellig worden.”

 

De leeftijd van zijn maatje geeft de doorslag. “Je hoort toch vaak dat vrijwilligerswerk op ouderen is gericht. Ik bezoek al heel vaak mijn oma van negentig. Voor het Maatjesproject wilde ik juist met een leeftijdsgenoot aan de slag. Tijdens de kennismaking met mijn maatje klikte het goed en hebben we van beide kanten besloten om elke week samen af te spreken.”

 

Gewoon gezellig

Rick noemt het contact tussen hem en zijn maatje waardevol. “Niet alleen voor mijn maatje, maar juist ook voor mezelf. Ik ga nu namelijk om met iemand waar ik anders niet mee in contact zou zijn gekomen. Daardoor leer ik mezelf beter kennen en kijk ik anders tegen dingen aan. Ik heb bijvoorbeeld geleerd dat je door er alleen maar voor iemand te zijn en op vaste momenten af te spreken, je al heel veel voor iemand kunt betekenen.”

 

De 27-jarige vrijwilliger wil andere jongeren van harte aanbevelen om vrijwilligerswerk te doen. “Sowieso is het goed voor je CV. Ja, dat klinkt plat, maar zo is het wel en dat is mooi meegenomen toch? Maar de echte waarde van vrijwilligerswerk vind ik dat je door iemand anders te helpen ook jezelf ontwikkelt. En als je net als ik een maatje vindt waarmee je een klik hebt, dan is het vooral gewoon gezellig.”

 

Deel blogpost
Gerelateerde blogposts
Vrijwilligerswerk maatjesproject

Rick (27): ‘Ik leer door mijn maatje mezelf steeds beter kennen’

| Vrijwilliger in beeld

De 27-jarige Rick is een maatje voor een leeftijdsgenoot met psychische klachten. Rick: ‘Ik leer door mijn maatje mezelf steeds beter kennen’. Lees de blog>
Lees meer

Dierenambulance: “Altijd helpen, niet afwijzen maar op weg helpen”

| Vrijwilliger in beeld

Toen Laura Nieuwkoop stopte met werken was ze wel gestopt maar nog niet uitgewerkt. Laura is een bezige bij en wilde zich graag inzetten voor een organisatie die te maken had met dieren welzijn en zo kwam ze bij Dierenambulance Gooi- en Vechtstreek terecht. Inmiddels is Laura Nieuwkoop, een knappe vlotte dame, al 20 jaar vrijwilliger bij de Dierenambulance. Multitasking Laura begon als centralist in de meldkamer, een rol die haar op lijf is geschreven. Ze regelt, coördineert en bepaalt wat er moet gebeuren. Dit is vaak onder tijdsdruk en ook heftige emoties komen soms om de hoek kijken. Na 5 jaar als centralist te hebben gewerkt begon Laura aan de opleiding voor chauffeur bij de Dierenambulance. In die tijd was ook de vogelgriep en moest de bus gedesinfecteerd worden. Dat was een zware tijd, want je moest witte pakken aan, protocollen volgen voor ieders veiligheid, want je werkt met gewonde en dode dieren. “En ja, ik liet het heel schoon achter, wat best fysiek zwaar en veel poetswerk was, alles moest goed schoon, alle hokken, het materiaal en de bus zelf.” Uiteindelijk is ze gestopt met het chaufferen en als centralist gebleven. Laura geeft ook voorlichting op scholen, staat met de collectebus op braderieën en is zij een van de opleiders voor nieuwe centralisten. Hiermee is Laura multi inzetbaar en een gouden kracht dus voor de Dierenambulance. Zware zwanen In de tijd dat Laura op de bus zat samen met Irene, ook een vrijwilliger bij de Dierenambulance , hebben ze weleens de taken omgeruild; dan was de een centralist en de ander zat dan op de bus. Dat hebben ze 5 jaar zo gedaan. Dat was een hele leuke tijd vertelt Laura met een glimlach. Soms kwamen ze dan een gewonde zwaan tegen. “Die zwanen wegen wel 20 kilo en til je niet zo makkelijk op, weet wat ik dan deed? Die pak ik zo beet, (Laura staat op en spreid haar ene been) ik ga erop zitten, dan hebben ze geen praatjes meer”. En bracht ze de gewonde zwaan naar de vogelopvang. Elk gewond dier wil geholpen worden en zij voelen het als ze met respect worden behandeld. Laura werkt 1x 14 dagen op de dinsdag als centralist, regelmatig op de vrijdagavond en zaterdagmiddag en ze vult lege plekken in het rooster in. “Ik heb nooit geen zin. Als centralist met het bijbehorende computerwerk houdt je ook scherp.” Ook de mails van inwoners worden beantwoord. Is er een kat vermist? Dan geeft ze een reactie en vraag je om informatie en een foto, dat ze bij het dossier plakt. “Je mag geen fouten maken”. De Dierenambulance rijdt ook inwoners met zieke dieren naar de dierenarts, een service die ze al jaren geven. Veelzijdigheid De veelzijdigheid van het werk spreekt Laura zeer aan, geen dienst is hetzelfde. Vorige week was er een roofvogel tegen een raam aan gevlogen, die achter een duif aan zat. Hij had de duif te pakken maar was uit koers geraakt en tegen het raam aan geklapt. Er werd gebeld naar de Dierenambulance. Laura sprak met de inwoner die belde en reageerde; “waarschijnlijk is de roofvogel in shock en na 30 min vliegt de roofvogel vanzelf weg, zo niet leg er een kratje over heen en dan halen we hem op.” Laura vervolgt dat als er wordt gebeld, het altijd moet worden opgelost. Vorige week waren er ook 4 dode zwanen in een weiland. Dan moet er een wit pak aangetrokken worden i.v.m. vogelgriep. “Waarschijnlijk was het een vos want de zwanen bleken in stukken te liggen en dan zeg ik; ‘laat het liggen want de natuur lost het zelf op’”. Laura weet precies in welke maand er wat is. “In april is het vogeltjestijd, dan is het hectisch. Dat mensen hun bomen gaan kappen terwijl er nestjes in zitten of dat ze hun dak vernieuwen met nestjes onder de pannen”. Soms stoort het haar dat de mensen zich daar niet bewust van zijn. Mensen kunnen ook de Dierenambulance bellen als ze hun kat kwijt zijn, dat weten de mensen niet altijd. “Ik heb weleens een kat uit het water moeten halen, verschrikkelijk, die kat heeft dan zo’n doodsstrijd meegemaakt, echt heel erg!” Zo heeft Laura honderden verhalen over dieren in al die jaren als centralist en chauffeur. Wat is het lievelingsdier van Laura? “Toch wel zwanen of kleine katjes. Straks is het wilde kittens-tijd, die zijn soms niet te hanteren”, vervolgt ze. “Het beste is om de kittens en de wilde kat-moeder samen naar het asiel te brengen, zodat de kittens kunnen socialiseren en moederkat kan worden gesteriliseerd. En daarna de moeder terugbrengen naar de plek waar ze is gevonden.” Laura kan de emoties voelen als de mensen die bellen het moeilijk hebben, dan pinkt ze soms zelf ook een traan weg. Laatst was er een zwanenpaar waarvan er 1 overleden was en 14 dagen later de andere, waarschijnlijk door liefdesverdriet. Dat was bij het Muiderslot en samen met Klaas en zijn bootje hebben ze de zwaan uit het water gehaald, heel triest was dat. Laura kent ook een situatie waarbij een klein zwaantje uit het nest werd gestoten, die zelf niet diep kon duiken en eten kon pakken. Het zwaantje zwom achter de zwanen familie aan en dan weet ze al dat die het niet zelf haalt. Die hebben ze toen opgehaald en naar de vogelopvang gebracht om aan te sterken. Dat zijn moeilijke situaties en kunnen emotioneel zijn. Maar bij meerkoeten zegt Laura, altijd handschoenen aan, want die bijten. Glimmende oogjes De Dierenambulance is actief in Gooi en Vechtreek dat een grote regio is, laatst moest er een vogeltje worden opgehaald bij Breukeleveen, dat is een eind! Met 1 chauffeur in de hele regio leg je behoorlijke afstanden af, het liefst zijn er twee chauffeurs per dag nodig, dat is het beste. Alle noodnummers heeft Laura binnen handbereik, die moet ze zo kunnen pakken, ook de landelijke dierenambulances. Laatste belde er een mevrouw uit Limburg, waarop Laura zegt “mevrouw u belt nu met het Gooi, maar ja dan zoek je toch het juiste nummer op voor die mevrouw”. Alle dierenklinieken, dierenartsen en politie en brandweer weet Laura in een oogwenk te pakken. “Altijd helpen, niet afwijzen maar op weg helpen”. Als Laura met glimmende oogjes haar meldkamer thuis gaat uitstallen is haar halve eettafel bedekt met alles wat ze nodig heeft aan apparatuur, laptop en schrijfblokken. Inmiddels heeft ze een tiental schrijfblokken beschreven. “Eerst volkladden met aantekeningen en daarna netjes in de computer” zegt ze. Als centralist heb je de regie, “Ik zie wat er moet gebeuren en chauffeurs voeren het uit. Maar als chauffeur zie je de narigheid. Verwaarlozing van dieren, gewonde en dode dieren ophalen of een dier dat bij een dood persoon in huis ligt. Zo’n trouwe hond dat bij zijn dode baasje niet weg wil, dat is hartverscheurend". Als Laura klaar achter haar uitgestalde bureau zit is de dinsdag helemaal voor de Dierenambulance. “Ik ontvang geen bezoek en doe ik ook geen boodschap, want stel je voor er wordt gebeld. Soms kan ik amper naar het toilet, zo druk kan het zijn.” Overal in haar huis zie je ook dieren op kussens, aan de muur, op het servies, als beeld op het balkon. Als haar mobiel overgaat hoor je een kukelende haan en bij een binnenkomende mail het geluid van een koe. “Ik ben een echt Diermens, liefde voor dieren is er altijd geweest”. Met dank aan Laura Nieuwkoop, centralist bij stichting Dierenambulance Gooi- en Vechtstreek. Ben je nieuwsgierig geworden naar vrijwilligerswerk bij deze organisatie? https://www.versavrijwilligerscentrale.nl/o/Stichting-Dierenambulance-Gooi-en-Vechtstreek
Lees meer

Online bankzaken regelen voor oma

| Vrijwilliger in beeld

Iedere week komt Kevin over de vloer bij zijn oma Harmke. Om boodschappen voor haar te doen, samen naar een ziekenhuisafspraak te gaan, of zomaar, voor de gezelligheid. “Ik vind het fijn dat ik weet dat ik voor haar kan zorgen. Dat ze er goed bij zit, en alles heeft wat ze nodig heeft.” Een paar jaar geleden werd Harmke getroffen door een herseninfarct. Daar herstelde ze goed van, al heeft ze door de gevolgen wel een rollator nodig bij het lopen. Sindsdien helpt haar kleinzoon Kevin bij allerlei dagelijkse dingen. “Hij doet boodschappen, hij gaat voor me naar de bank, hij helpt met dingen op de computer. Ik hoef maar te kikken en hij komt!”, vertelt Harmke met een grote lach. Kevin beaamt dat: “Ik ben laatst mijn eigen diëtistenpraktijk begonnen, en ik heb veel speling in mijn werkuren. Ik kan dus vrij makkelijk tijd reserveren voor mijn oma. Je ziet vaak dat kleinkinderen, als ze ouder worden, niet zo vaak meer bij hun opa of oma over de vloer komen. Voor mij is dit een goede reden om mijn oma vaker te blijven zien.” Gezonde boodschappen Zijn werk als diëtist neemt Kevin serieus. Ook wanneer hij boodschappen doet voor Harmke, die suikerziekte heeft. “Hij is streng hoor!”, vertelt Harmke. “Ik zondig nog weleens, maar als hij boodschappen doet, dan zitten er alleen maar dingen bij die ik mag hebben!” Kevin, glimlachend: “Nou, ik maak gewoon wat gezondere keuzes. Als ze vruchtenyoghurt wil, dan zorg ik wel dat het gezonde yoghurt is. En in plaats van zoet beleg haal ik bijvoorbeeld wat magere vleeswaren.” Toch weerhoudt dat Harmke er niet van om af en toe te snoepen: “Tegenover mijn huis zit een Turks winkeltje, daar haal ik soms stiekem wat kleins voor mezelf. Als Kevin dan langskomt verstop ik dat een beetje.” vertelt ze, terwijl ze Kevin lachend met haar elleboog aantikt. Dan, als ze een koekje uit een schaaltje op tafel pakt: “Alles wat ik niet mag, vind ik heerlijk!” Kevin: “Ik weet dat natuurlijk wel. Maar de kwaliteit van haar leven moet natuurlijk ook goed blijven. Dat is heel belangrijk.” Uitstapjes Harmke gaat er graag op uit. Naar het dorp bijvoorbeeld. Waar ze, zo vertelt ze, een bekend gezicht is bij veel cafés en winkeltjes: “Bij de ene zaak krijg ik koffie, en dan ergens anders weer wat drinken, of iets lekkers. Dat vind ik zo gezellig, ik ben gek op gezelligheid!” Kevin: “Dat vind ik ook tof. Ondanks dat ze met d’r voet zit, en ook niet meer goed ziet met één oog, gaat ze toch lekker de hort op.” Harmke en Kevin maken ook regelmatig samen uitstapjes. “Ik kan overal wel met de taxi heen,” vertelt Harmke, “maar dan ben je ook maar zo alleen. Dus af en toe haalt Kevin me op en gaan we samen een dagje weg, naar mijn oudste zoon bijvoorbeeld. Op de terugweg gaan we dan ergens een hapje eten. Dat is hartstikke leuk! Ik ben echt heel blij met Kevin, die kan ik niet meer missen.” Dat geldt andersom ook. “Met mijn oma kan ik het overal over hebben,” Kevin kijkt Harmke even aan, “ook over dingen die soms moeilijk zijn om met anderen te bespreken. En dat is fijn. Ik heb heel veel steun aan haar.”
Lees meer